Research

Research

De oude Tai Chi meesters weten het al eeuwenlang:
geregeld bewegen en oefenen brengt meer levenslust, soepelheid, betere balans en bewegingsvrijheid, en een gevoel van welbevinden. Tai Chi (als westerse verzamelnaam voor diverse stijlen en vormen) maakt al eeuwen onderdeel uit van de Traditionele Chinese geneeskunst. Qi Gong van oudsher meer gericht op de gezondheid en Tai Chi meer georiënteerd op de gevechtskunsten. De laatste ontwikkelt zich ook richting beoefening voor behoud van vitaliteit en soepelheid. Beide leggen grote nadruk op het ontwikkelen van de innerlijke ervaring in tegenstelling tot het uiterlijk kopiëren van bewegingen. Andere kenmerken: minder nadruk op kracht en snelheid, meer op langzaam ontspannen bewegen, met het hele lichaam.

Kun je in westers wetenschappelijke termen praten over Tai Chi?


Over de hele wereld groeit de belangstelling voor de aanvullende waarde van Tai Chi.
Als de medische zorg stopt geven deze vormen van bewegingen ieder mens zelf de regie over:
– herstel van vitaliteit, soepelheid, balans en levensvreugde bij het stijgen der levensjaren
– betere levenskwaliteit bij chronische aandoeningen
– herstel na operatie, ongeluk of jarenlang weinig bewegen

Niets nieuws voor de Traditionele Chinese Geneeskunst. Maar hun gezondheid benadering en medische taal is onvergelijkbaar met onze westerse analytische wetenschap.
Wat kunnen wij nu met meridianen, yin-yang, de vijf elementen, om wat voorbeelden te noemen.


Het ontstaan van een onderzoeksmodel.
Lang leken de taal en de gezondheidsfilosofie van oost en west onverenigbaar. Dit verandert snel. De Harvard University Medical School bracht daartoe wetenschappers en beoefenaars bij elkaar (soms verenigd in 1 persoon). In dit geval Peter Wayne: onderzoeker aan de Harvard Universiteit en jarenlang beoefenaar en docent van Tai Chi en Qi Gong.
Hij herleide alle uiterlijk verschillende stijlen terug tot 8 gedeelde kenmerken. Hij noemde dit:
de 8 basis ingrediënten van Tai Chi.
Vervolgens ontwierp hij een cursus, waarin deze ingrediënten in oefeningen terugkomen. Daarbij goed nadenkend over uitvoerbaarheid voor patiënten met een kwetsbare conditie.
Zo ontstond de “Harvard University Medical Guide to Tai Chi.”
Inmiddels het protocol voor onderzoek naar de waarde van dit model bij de meest uiteenlopende medische condities.

Het geheel is meer dan de som der delen.


Baanbrekend westers neuro motor onderzoek met steeds fijnere meetmethoden brengt nieuwe inzichten in het wonder van onze brein-lichaam eenheid:
hoe het communiceert, onze houding bepaald van top tot teen, en haar vermogen tot herstel zelfs op hoge leeftijd.
Denk aan:
– de samenhang tussen het brein, de zenuwen, zintuigen, spieren en onze emoties.
– het elastische web dat ons als een tweede huid omhult, onze organen verbindt met dat web en een heel nieuw informatie systeem toevoegt naast onze zenuwen en receptoren. (fascia en bindweefsel).
– en heel hoopgevend: het grote herstellende vermogen van diverse weefsels tot op hoge leeftijd (plastisch brein, versoepelen van verstijfd bindweefsel).


Peter Wayne Dr. Peter Wayne is an Associate Professor of Medicine and the Director of the Osher Center for Integrative Medicine at Harvard Medical School and Brigham and Women’s Hospital. The primary focus of his research is evaluating how mind-body and related complementary and alternative medicine practices clinically impact chronic health conditions, and understanding the physiological and psychological mechanisms underlying observed therapeutic effects. Dr. Wayne is actively involved in the teaching and training of students and fellows in integrative medicine research.